Pinkster(en): een licht dat zich niet laat dimmen

door Shahaila Winklaar                                                            

 Ik ben uitgenodigd een kunstwerk te maken voor Feest van de Geest: een kunstmanifestatie tussen Hemelvaart en Pinksteren waarin kerken hun deuren openen en kunstenaars nieuw, speciaal voor die plek gemaakt kunstwerk tonen. Ook ik moest even opzoeken wat deze twee christelijke feestdagen ook alweer betekenen. In een notendop: Hemelvaart herdenkt dat Jezus is ‘opgevaren’ naar God, zijn Vader in de hemel. Met Hemelvaart wordt Christus volgens de kerkelijke leer opgenomen in de goddelijke werkelijkheid, waar de wetten van tijd en ruimte niet gelden. Pinksteren viert de neerdaling van de Heilige Geest over de eerste volgelingen van Jezus Christus en staat symbool voor bezieling, verbondenheid en nieuwe kracht. In dit kader maak ik nieuw werk voor de Oude Kerk in Delft. Ik vind het spannend, want werken in een kerk is nooit neutraal. Eerder ontwikkelde ik een rondleiding over koloniale sporen voor Museum Prinsenhof Delft, waarbij ik mij al verdiepte in het Delftse slavernijverleden. En het rapport Het slavernijverleden van Delft en de tentoonstelling Christendom en Slavernij in 2024 Utrecht onderstrepen hoe beladen de rol van de kerk is binnen de koloniale geschiedenis. Omdat ik erg enthousiast ben over mijn voorlopige bevindingen, deel ik graag mijn werknotities tot nu toe.

Het eerste wat ik doe is oriënteren op de omgeving.  De Oude Kerk is niet zomaar een kerk. Het is de oudste kerk van Delft en dateert van 1246. Je loopt er langs graven en tombes van roemruchte Nederlanders zoals meesterschilder Johannes Vermeer, zeevaarder Piet Hein en admiraal Maarten Tromp. De kerk is daarmee niet alleen een religieuze plek, maar ook een enorm beladen plek waar macht, herinnering en koloniale geschiedenis samenkomen. De ligging aan de statige Oude Delft versterkt dat beeld. De monumentale grachtenpanden zijn ook te zien op het schilderij Burgemeester van Delft en zijn dochter/Adolf en Catharina Croeser aan de Oude Delft van Jan Steen uit 1655, 

Delft en het slavernijverleden

Door het onderzoek naar het Delftse slavernijverleden (2023) weten we dat de stad nauw verbonden was met het koloniale systeem en handel in mensen en flink heeft geprofiteerd van de winsten. In de daaropvolgende excuses die de burgemeester namens het stadsbestuur uitsprak, stelde zij onder meer dat eenieder zijn of haar eigen reis maakt naar het hier en nu. Die reis, die is gestart bij onze voorouders, brengt ons allen naar waar we nu staan. En dat we op weg zijn naar een gezamenlijke toekomst met meer kennis van ons gedeelde verleden. Zo ook de viering van Pinksteren.

Van Pinksteren naar Pinkster

In de zeventiende eeuw namen Nederlandse protestante kolonisten het Pinksterfeest mee naar Noord-Amerika. In Nieuw Nederland – onder andere het tegenwoordige New York en New Jersey – kreeg het feest een andere betekenis. Vooraf zij opgemerkt dat de protestantse kerk slavernij legitimeerde en structureerde. In huishoudens in New York leefden vaak slaafgemaakte mensen. Maar tijdens de Pinksterdagen kregen zij vrijaf en hoefden ze niet gedwongen te werken. Deze korte onderbreking van dwangarbeid functioneerde als een zeldzaam moment van lichamelijke en geestelijke autonomie binnen een systeem dat menselijke vrijheid en onafhankelijkheid structureel ontkende. Zo ontwikkelde 'Pinkster' zich tot een Afro Amerikaans festival waar slaafgemaakten en vrije zwarten tijdens het protestantse Nederlandse Pinksteren samenkwamen. 

Pinkster(en) bood een zeldzame gelegenheid om andere zwarte mensen te ontmoeten. Men reisde samen te voet of per boot naar plekken waar zij meerdere dagen onder andere samen aten, dansten, zongen en muziek maakten en oude Afrikaanse tradities vierden. Juist deze vorming van een zwarte publieke sfeer maakte de vieringen politiek beladen en verklaart mede waarom zij later werden verboden. 

In haar indrukwekkende autobiografie The Narrative of Sojourner Truth: A Northern Slave (1850) herinnert de beroemde Amerikaanse burgerrechtenactiviste Sojourner Truth[i], zich wat Pinkster betekende voor haar. Truth werd in slavernij geboren als eigendom van Nederlandse slavenhouders. Haar moedertaal was Nederlands. Nadat ze uit slavernij vluchtte koos zij in 1843 zelfs Pinkster om haar naam te veranderen van Isabelle Baumfree naar de door haar zelfgekozen naam Sojourner Truth, wat een symbolisch keerpunt in haar leven markeert. Ze gaf aan de geest van God gehoord te hebben om op reis te gaan en de waarheid te verkondigen. Als antislavernij- en vrouwenrechtenactiviste werd zij één van de belangrijkste 19e eeuwse Afro-Amerikaanse vrouwelijke activisten. Haar beroemde toespraak 'Ain't I a woman', in 1851, is een van de belangrijkste en vroegste feministische redevoeringen. Het volgende citaat geeft een beeld van haar beleving van Pinkster:

When Isabella had been at Mr. Van Wagener's a few months, she saw in prospect one of the festivals approaching. She knows it by none but the Dutch name, Pinkster as she calls it — (..). She says she 'looked back into Egypt,' and everything looked ' so pleasant there, as she saw retrospectively all her former companions enjoying their freedom for at least a little space, as well as their wonted convivialities, and in her heart she longed to be with them.[ii]

Toen de slavenopstanden in frequentie toenamen, werden uit angst wetten ingevoerd die zwarte samenkomsten verboden. Zo kwam er helaas een eind aan veel Pinkstervieringen van de zwarte gemeenschappen.

Ritmes

De dansen, de muziek en ritmes, het gebruik van alledaagse werk- en landbouwgereedschappen en de zingende wisselwerking tussen voorzanger en groep tonen grote overeenkomsten met Afro-Caribische tradities in Curaçao, zoals de Tambu. Op het Instagramaccount Know Your Caribbean wordt in de serie How we are connected through dance gewezen op de nauwe verwantschap tussen dansvormen in het Caribisch gebied, Noord- en Zuid-Amerika. Ritme en beweging kunnen gelezen worden als sporen van een gedeelde Afrikaanse oorsprong én als subtiele vormen van verzet binnen onderdrukkende systemen. Ik ervaar deze bewegingen bovendien als een vorm van erfgoedbehoud: het lichaam dat, ondanks gedwongen verplaatsing, ritmes en gebaren van eerdere generaties blijft dragen. Zo wordt dans een archief zonder papier, een levende continuïteit van ritme, geheugen en gemeenschap. De gedachte aan het lichaam als drager van herinnering vormt een belangrijk uitgangspunt voor mijn werk in de Oude Kerk.

Wat begon als christelijk feest werd door de Amerikaanse zwarte gemeenschappen uitgebreid met samenzijn, culturele expressie en gemeenschapsvorming. In feite werd Pinkster(en) zo vernieuwd vanuit de waarden van het Pinksterfeest zelf. Overigens zijn de zojuist genoemde overeenkomsten met Tambu in Curaçao waarschijnlijk geen toeval. Nederland speelde namelijk een grote rol in de trans-Atlantische slavenhandel en had Curaçao ingericht als belangrijk doorvoer- en handelscentrum van slaafgemaakte mensen van het Afrikaanse continent. De mensen die de overtocht overleefden moesten op dit eiland aansterken voordat ze verder verhandeld werden naar Amerika. Hun immaterieel erfgoed hebben ongetwijfeld meegenomen naar hun gedwongen bestemmingen zoals Curaçao, het Caribisch gebied, zuid én noord Amerika. 

Heropleving

De afgelopen jaren wordt het oude Afro-Amerikaanse Pinksterfeest opnieuw tot leven gebracht, onder meer in New York. Gemeenschappen grijpen terug op hun rijke geschiedenis en maken haar opnieuw zichtbaar met nieuwe Pinksterwandelingen, in traditionele kleding, met het heropvoeren van de dansen en gebruik van dezelfde muziekinstrumenten als hun voorouders. Roerend detail is dat het Nederlandse ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap medefinancier is. Dat deze Pinkstervieringen ooit zijn verboden, maakt die hedendaagse heropleving extra betekenisvol.

Zo blijkt weer dat pas wanneer de geschiedenis vanuit meerdere perspectieven wordt bekeken, zichtbaar wordt hoeveel kennis en veerkracht daarin besloten ligt.

Conclusie

Deze brede verkenning van het Pinksterfeest maken de contouren van mijn nieuwste werk voor Feest van de Geest voor de Oude Kerk glashelder. De Oude Kerk in Delft is doordrenkt van geschiedenis en machtsstructuren. Mijn werk zal gaan over Pinkster, over vreugde, over hoe het verplaatst, verandert en betekenisvoller wordt door mensen die er, ondanks hun zware leef- en werkomgeving ruimte voor maken. In Delft, in een kerk die diep verbonden is met geschiedenis en macht, komt dit alles samen. Door andere perspectieven, ontstaat het rijkere verhaal. Een verhaal waarin vreugde, samenzijn en veerkracht zichtbaar worden, toen en nu. Kom je jij ook kijken naar mijn kunstwerk in de Oude Kerk in Delft, tussen Hemelvaart ten Pinksteren?

 

Bronnen:

Jaha Nailah Avery, “The Pinkster Stroll Is Not Your Average New York Fashion Show,” The New York Times, 5 juni 2025.

Nancy Jouwe, Gerrit Verhoeven en Ingrid van der Vlis m.m.v. Marion Claessens en Bas van der Wulp, Het slavernijverleden van Delft (Delft, 2023).

Know Your Caribbean, How we are connected through dance, Instagram-serie, geraadpleegd in januari 2026,  https://www.instagram.com/know.your.caribbean

Tenement Museum, “Pinkster Celebration”. Geraadpleegd 25 februari 2026.

 

 

 

 



[i] Sojourner Truth werd geboren in slavernij als Isabel Baumfree in Ulster County, New York, in een Nederlandstalige familie. Op 9 – jarige (!) leeftijd werd zij voor het eerst verkocht. In 1826 wist zij te ontsnappen uit slavernij.

[ii] Nederlandse vertaling: Toen Isabella enkele maanden bij meneer Van Wagener verbleef, zag zij dat een van de jaarlijkse feestdagen naderde. Zij kende het alleen onder de Nederlandse naam Pinkster, zoals zij het noemde. Ze zei dat ze als het ware ‘terugkeek naar Egypte’, en dat alles daar zo aangenaam leek wanneer ze er in gedachten op terugkeek. Ze zag voor zich hoe haar vroegere metgezellen, al was het maar voor korte tijd, hun vrijheid konden beleven en samen hun gebruikelijke feestelijkheden vierden. In haar hart verlangde ze ernaar om bij hen te zijn.

 


Older Post